Nieuw domein: Creative Technologies

 

  • GAME Design

  • Communication & Multimedia

  • Fashion & Textile

Creative Technologies
& Creatieve Industrie

De totstandkoming van het nieuwe domein is een initiatief van een aantal hbo-opleidingen. Aanleiding zijn de almaar snellere technologische ontwikkelingen. De topsector Creatieve Industrie heeft behoefte aan getalenteerde mensen die vakinhoudelijke kennis combineren met een ondernemende, internationale houding om ideeën te kunnen uitwerken tot producten of diensten.

Het nieuwe domein is primair gericht op die netwerken in de Creatieve Industrie waar digitalisering een grote impact heeft: (Serious) Games, Media & ICT, Next Fashion en Smart Design.

Het domein Creative Technologies

kent drie opleidingen

Creatieve Media & Game Technologies (CMGT)

Creatieve Media & Game Technologies (CMGT)

Communication & Multimedia Design (CMD)

Communication & Multimedia Design (CMD)

Fashion & Textile Technologies (FTT)

Fashion & Textile Technologies (FTT)

Elke stamopleiding richt zich op een onderdeel van het werkveld van de Creatieve Industrie: CMGT op interactieve media, gamebedrijven en hun toepassingsgebieden, CMD op full service internetbedrijven, communicatie- en multimediabureaus en hun toepassingsgebieden, FTT op bedrijven in Fashion of Textiles. Elke stamopleiding kent drie competentie-niveaus.

De tabellen met BoKS (Body of Knowledge & Skills) informatie zijn hier te downloaden.

 

Werkveld

De afgestudeerde van het domein creative technologies komt te werken in een beroepsdomein dat wordt gekarakteriseerd door snel opeenvolgende veranderingen en innovaties. De creatief technoloog kan nieuwe (digitale) technologieën op creatieve wijze toepassen. Hij kan ontwerpen, presenteren, communiceren en nieuwe technologieën vormgeven; multi- en interdisciplinair denken en handelen zijn dus belangrijke kenmerken van zijn vak.

In het werkveld staat de mens, de gebruiker, centraal. Gezien de toppositie van de Creatieve Industrie in de wereld is het beroepsdomein van de afgestudeerde niet beperkt tot het Nederlands grondgebied. Tevens zal hij kunnen opereren in cross-overs naar andere sectoren, zoals zorg, onderwijs, cultuur en veiligheid.

 

Creativity is allowing yourself to make mistakes. Art is knowing which ones to keep.

— Scott Adams —

Bachelor Competenties

Het Domein of Creative Technologies heeft competenties in vier verschillende clusters: technologische, ontwerpende, organiserende en professionele. De creatief technoloog kan design thinking en creativiteit toepassen, sturen en organiseren, nieuwe technologieën leren begrijpen, implementeren en het resultaat ervan toetsen en testen. Hij heeft een onderzoekend vermogen dat leidt tot (zelf)reflectie, evidence based practice en innovatie, is ondernemend en in staat om zaken kritisch te beoordelen aan de hand van morele waarden. Naast deze competenties zal hij beschikken over een ruime mate van relevante kennis.
Technologisch

Technologisch

Goede technische kennis en analyse, talent voor ontwerpen en prototypen, testen en implementeren

Ontwerpend

Ontwerpend

Goed onderzoeks- en analysevermogen, in staat om te conceptualiseren en te vormgeven

 

Organiserend

Organiserend

Ondernemende houding en vaardigheden, projectmatige werkinzet en goede communicatie

Professioneel

Professioneel

Goed lerend en reflecterend vermogen, goed verantwoordelijkheidsgevoel

 

Studenten in de drie stamopleidingen

7000
COMMUNICATIE & MULTIMEDIA DESIGN (CMD)
2500
CREATIVE MEDIA & GAME TECHNOLOGIES (CMGT)
1750
FASHION & TEXTILE TECHNOLOGIES (FTT)

 

 

 

In gesprek

De hbo-sector techniek bestond tot voor kort uit vier domeinen: Ict, Engineering, Built environment en Applied science. Daaraan wordt nu een vijfde domein, Creative Technologies, toegevoegd. Doel is een betere aansluiting tot stand te brengen met de topsector Creatieve Industrie. De Taskforce domein Creative Technologies is verantwoordelijk voor de inrichting van dit nieuwe domein met daarbinnen drie stamopleidingen. Een rondetafelgesprek met enkele leden van de Taskforce over uitgangspunten, verwachtingen en het nu al opmerkelijke succes van Nederlandse studenten op het gebied van gaming.

Het was de commissie Van Pernis die eind 2011 aangaf dat de sector Techniek gebaat zou zijn bij een duidelijker en herkenbaarder profiel. In de loop der jaren waren er zo’n 80 technische opleidingen ontstaan met uiteenlopende certificaten. Vanuit het werkveld en onder (aankomende) studenten rees steeds vaker de vraag waar deze studies nu precies voor opleiden.

Het advies van de commissie Van Pernis was een helder signaal, maar daarmee is nog niet meteen een connectie gelegd met de creatieve industrie. Hoe is die tot stand gekomen?

Daphne Heeroma: ‘Toen we in oktober 2012 met vertegenwoordigers van alle techniekopleidingen bijeenkwamen ging het al weer heel snel de kant op van de traditionele indelingen. Als Taskforce hebben we opgeroepen ons meer op de toekomst te richten en te concentreren op nieuwe ontwikkelingen. Een van de topsectoren in Nederland is de creatieve industrie. Daar hebben technische opleidingen een duidelijke link mee. Dat moest de stip op de horizon worden. Vervolgens is ons gevraagd met een voorstel te komen en nu, anderhalf jaar later, hebben wij ons gepositioneerd met een duurzaam opleidingspalet voor de toekomst.’

Er zijn ook andere sectoren die van belang zijn voor de creatieve industrie. Welke plaats vervult de techniek in dat spectrum?

Daphne Heeroma: ‘Natuurlijk, we zijn zeker niet de enige toeleverancier voor beroepen in de creatieve industrie. De kunsten economiesectoren horen daar ook bij. Maar als sector techniek willen we wel heel duidelijk een deel daarvan invullen. En uiteraard in nauw overleg met de andere sectoren, om dat palet compleet krijgen.’

Marinka Copier: ‘Er zijn verschillende onderdelen binnen de creatieve industrie waarin technologie een cruciale rol speelt. We hebben gekozen voor drie speerpunten. De opleiding Communication & Multimedia Design (CMD), gericht op het ontwerp van interactieve media ten behoeve van communicatie. Opleidingen op het gebied van interaction and game design vormen nu Creative Media & Game Technologies (CMGT). En de laatste is de opleiding Fashion & Textile Technologies (FTT).’

Daphne Heeroma: ‘Het is dus niet onze bedoeling geweest nieuwe opleidingen toe te voegen aan het aanbod. Maar wel denk ik dat we een gat hebben gevuld, in de zin dat we een enorme boost gegeven hebben aan meer samenwerking tussen de al bestaande opleidingen. We leren van elkaar, we overleggen en er is wederzijdse afstemming om dat palet zo transparant mogelijk te krijgen. Zowel voor de studiekiezer als voor de industrie wordt nu veel herkenbaarder waar wij voor opleiden.’

Gekozen is voor drie stamopleidingen. Hebben jullie ook overwogen meer opleidingen te creëren?

Marinka Copier: ‘Wat we geprobeerd hebben is inzichtelijk te maken welke opleidingen en focusgebieden binnen de technologie een direct verband hebben met de creatieve industrie. Er zijn natuurlijk ook andere gebieden denkbaar, maar die horen meer bij de kunst- en economiesectoren van het hbo. Interessant is overigens dat door de beweging die wij in gang hebben gezet, juist binnen deze twee sectoren ook wordt nagedacht over onderdelen die aansluiten bij de creatieve industrie. Uiteindelijk hoop je natuurlijk over de grenzen van al die hbo-sectoren heen met elkaar te kunnen samenwerken om een goed totaalaanbod te verwezenlijken richting creatieve industrie.’

‘WE HEBBEN EEN GAT GEVULD, IN DE ZIN DAT WE EEN ENORME BOOST GEGEVEN HEBBEN AAN MEER SAMENWERKING TUSSEN DE AL BESTAANDE OPLEIDINGEN.’Bas Olde Hampsink: ‘Vanuit de kunstsector kwamen op een gegeven moment kritische opmerkingen. Men vroeg zich af of we niet te veel de kant van de kunsten opgingen. Dat scherpte ons om ons te concentreren op de techniek en tegelijkertijd die drie opleidingen helder naast elkaar te positioneren. Voor je het weet wordt het één grote vergaarbak. Dat wilden we nu juist voorkomen.’

Daphne Heeroma: ‘Het mooie is dat er nu een duidelijke relatie ontstaan is tussen het kunstdomein en het techniekdomein. En ook dat kan weer een bijdrage leveren aan innovaties. En om nog even terug te komen op het aantal van drie stamopleidingen. Ik sluit niet uit dat er in de toekomst een vierde of vijfde bijkomt. Het doel is immers opleidingen voor de creatieve industrie zo duidelijk mogelijk te positioneren. Niet alleen vanuit het opleidingsperspectief, maar ook ten opzichte van de industrie. Die is enorm gefragmenteerd. Er zijn heel veel kleine bedrijfjes die in hun eentje bezig zijn en niet aangesloten zijn bij landelijke werkgeversverenigingen. Eerlijk gezegd verbaasde het me dat ze niet krachtiger georganiseerd waren. Vandaar dat we nadrukkelijk gezegd hebben: laten we als opleidingen met de bedrijven de krachten bundelen om daar beweging in te krijgen. Wij kunnen de werkgevers in de creatieve industrie helpen bij het beter positioneren van hun organisatie. De toekomst van de technische beroepen zit ook in de creatieve industrie.’

Klopt het dat er al een zekere organisatie bestond van de opleidingen die nu onder de stamopleiding Communication & Multimedia Design (CMD) vallen?

Jos de Serière: ‘Ja, de CMD’s werken intensief samen in het landelijk opleidingsoverleg INCMD. Door de snelle technologische ontwikkelingen groeide de behoefte een nieuwe dimensie aan de sector techniek toe te voegen. De commissie Van Pernis was dan ook een kans om onszelf goed te positioneren. Als dat nieuwe domein er niet was gekomen, waren deze opleidingen misschien ergens ondergebracht waar ze niet thuis horen en waar ze niet herkenbaar zouden zijn. Nu is er sprake van een duidelijke erkenning voor een nieuwe beroepspraktijk in de creatieve industrie. Die komt daarmee in de picture te staan. Voor het domein en de sector techniek is van belang te laten zien dat we meegroeien met nieuwe ontwikkelingen. Dat is goed voor studenten en voor de bedrijven waar ze terechtkomen. Het is ook een toonbeeld van samenwerking door sectoren heen. Dat moet ook, want niemand kan het meer alleen. Dat is het nieuwe tijdsbeeld.’

Bas Olde Hampsink: ‘Iets vergelijkbaars heeft zich voorgedaan in de textielsector. Er waren al twee opleidingen. AMFI in Amsterdam zat meer in de fashionhoek en Saxion in Enschede meer in de textiel. Die opleidingen leken op elkaar en werkten al samen. Op zeker moment werd voorgesteld deze opleidingen onder te brengen bij technische bedrijfskunde. Daarmee zou een sterk bedrijfskundig profiel ontstaan in plaats van een technisch en creatief. Aangezien beide hogescholen daar moeite mee hadden en zich meer thuis voelden in de creatieve technologie, hebben ze de handen ineengeslagen. Daar is de stamopleiding Fashion & Textile Technologies uit voortgekomen.’

Gaan de hogescholen zich met hun CMD-opleiding ook verschillend profileren?

Jos de Serière: ‘Bij CMD zit de helft van de opleidingen in de randstad. Daar bevindt zich het hart van de creatieve industrie als je denkt in termen van volume en omzet. Bij de regionale CMD-opleidingen verloopt de profilering van de hogescholen meer van binnenuit. CMD bij Avans gaat bijvoorbeeld een samenwerkingsverband aan met de Hoofdstuk eigen communicatieopleiding. In Maastricht vormt de CMD-opleiding samen met de opleiding Visuele Communicatie een nieuwe Academie voor Media Design & Technology. En Leeuwarden houdt zich onder andere bezig met nieuwe toepassingen voor scheepvaartindustrie. Al die instituten krijgen vanzelf hun eigen kleuren door de mensen die er werken en de omgeving waarin ze zijn ingebed.’

Denken jullie dat aankomende studenten deze nieuwe indeling snel zullen herkennen? Want dat is wel een vereiste om er een succes van te maken.

Daphne Heeroma: ‘Het domein hebben we nu. Vanuit de industrie en ook de topsector is er erkenning. Nu komt inderdaad de volgende fase: het onder de aandacht brengen van scholieren en studiekiezers. Veel leerlingen met een technisch profiel op de middelbare school gaan nu niet de techniek in, omdat ze bang zijn dat die opleidingen veel te technisch zijn. Met het nieuwe domein kunnen we ook het aspect creativiteit erbij betrekken.’

VEEL LEERLINGEN MET EEN TECHNISCH PROFIEL OP DE MIDDELBARE SCHOOL GAAN NU NIET DE TECHNIEK IN, OMDAT ZE BANG ZIJN DAT DIE OPLEIDINGEN VEEL TE TECHNISCH ZIJN. MET HET NIEUWE DOMEIN KUNNEN WE OOK HET ASPECT CREATIVITEIT ERBIJ BETREKKEN.Marinka Copier: ‘Voor studiekiezers is de creatieve industrie juist zeer interessant, omdat daar diverse vakgebieden samenkomen. Door het nogal rigide georganiseerde studiekeuzesysteem was dat altijd moeilijk herkenbaar. Wat we straks krijgen is dat bij de studiekeuze de creatieve industrie helderder wordt, evenals de mogelijkheden die de technologie biedt binnen de creatieve industrie. Ik verwacht dat er een andere instroom op technologie zal ontstaan. En misschien zelfs een toename, wat ook een belangrijke doelstelling is.’

Bas Olde Hampsink: ‘Er zal ook veel meer mogelijk worden nu we op deze manier georganiseerd en gebundeld zijn. Meer contact tussen docenten. Studenten van de HKU die een keer naar NHTV komen. Het opzetten van gezamenlijke projecten en opdrachten.’

Marinka Copier: ‘En niet te vergeten onderzoek. De ontwikkeling van opleidingen staat natuurlijk niet stil. Het zijn vakgebieden waarin continu nieuwe beroepen ontstaan. Wil je dat blijvend stimuleren, dan zul je onderzoek moeten initiëren. Dat wordt nu veel makkelijker omdat de samenwerking vanzelfsprekender is.’

Bas Olde Hampsink: ‘Er wordt wel gezegd dat iedere innovatieve opleiding haar eigen werkveld genereert. Wij leiden op voor beroepen die nog niet bestaan. Maar wel met de verantwoordelijkheid dat iemand na afstuderen zich staande kan houden in zijn werkveld. Dat maakt het buitengewoon boeiend, maar het betekent wel dat we mee moeten gaan in nieuwe ontwikkelingen.’

Hoe kijken jullie naar mogelijke crossovers? Van de creatieve industrie richting andere sectoren. Gaat dat een meerwaarde genereren?

Marinka Copier: ‘Toen wij de verschillende opleidingsperspectieven naast elkaar legden in relatie tot de creatieve industrie, bleek het altijd over mensgericht ontwerpen te gaan. Dan is het logisch dat je uitkomt bij crossovers. Je maakt producten en diensten die er toe doen. Niet omdat ze entertaining zijn, maar omdat ze iets betekenen in bijvoorbeeld de zorg, de energie of het onderwijs.’

Daphne Heeroma: ‘Kijk alleen maar naar de ontwikkelingen op het gebied van gaming. Dat varieert van entertainment tot applied en serious gaming. Dat zie je in de gezondheidszorg of de ouderenzorg. Dat zijn enorme toepassingsgebieden. Maar ook in het onderwijs en security. Allerlei industrieën zijn daarin geïnteresseerd. Er hoeven niet meteen nieuwe opleidingen bij te komen, maar degene die er zijn moeten we duidelijker en herkenbaarder positioneren.‘ER WORDT WEL GEZEGD DAT IEDERE INNOVATIEVE OPLEIDING HAAR EIGEN WERKVELD GENEREERT. WIJ LEIDEN OP VOOR BEROEPEN DIE NOG NIET BESTAAN. MAAR WEL MET DE VERANTWOORDELIJKHEID DAT IEMAND NA AFSTUDEREN ZICH STAANDE KAN HOUDEN IN ZIJN WERKVELD.’ Het is opmerkelijk hoe succesvol sommige studenten op dit gebied zijn. We moeten onze kennis dus delen met het bedrijfsleven zodat er nieuwe initiatieven en innovaties plaatsvinden. Op dit punt hebben we met het nieuwe domein een veel beter startpunt.’

Jos de Serière: ‘Vergeet ook niet het belang van interactieve media, content en dergelijke op het gebied van communicatie. Maatschappelijke organisaties zijn steeds meer bezig met het snel en duidelijk uitdragen van hun verhaal. Daar ontlenen CMD-opleidingen hun bestaansrecht aan. Aan het ontwerpen van eigentijdse communicatiediensten en –producten.’

Marinka Copier: ‘Een van onze studententeams heeft onlangs bij een gaming conferentie in San Francisco een project gedemonstreerd dat grote indruk heeft gemaakt. Er werd gezegd dat er in Nederland iets bijzonders gebeurt. In de manier waarop creativiteit en technologie bij elkaar gebracht worden en waar een heel ander soort entertainmentproducten uit voortkomt. Daaruit ontstaan ook nieuwe vormen van ondernemerschap. Er zijn studenten die al tijdens hun studie bedrijfjes beginnen, en met succes. Uit recent onderzoek blijkt dat jongeren rond hun 17de het meest idealistisch zijn over wat ze in de maatschappij kunnen betekenen. Ik denk dat ze vanuit die gedachte via deze drie opleidingen de kans krijgen producten en diensten te ontwikkelen die een verschil kunnen maken.’

CREATIVE TECHNOLOGIES wordt aangeboden op




Het domein Creative Technologies kent drie stamopleidingen: Creative Media & Game Technologies (CMGT), Communication & Multimedia Design (CMD) en Fashion & Textile Technologies (FTT). Elke stamopleiding richt zich op een onderdeel van het werkveld van de Creatieve Industrie en kent een eigen Body of Knowledge & Skills (BoKs).

Heb je een vraag?

Vul dan het onderstaande formulier in. Wij proberen alle vragen zo snel mogelijk te beantwoorden.





Persbericht

Technische hbo-opleidingen gebundeld onder nieuwe naam: Creatieve Technologies

Vanmorgen overhandigde Barbera Wolfensberger de uitgave van de competentiebeschrijving van het nieuwe domein Creative Technologies aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Jet Bussemaker. Dit gebeurde voorafgaand aan het congres What Design Can Do in de Stadsschouwburg Amsterdam, waar Bussemaker een toespraak hield.

‘Ik ben verheugd dat door de hergroepering van de bestaande techniek-opleidingen het domein met de naam CREATIVE TECHNOLOGIES is ontstaan’, aldus Barbera Wolfensberger, boegbeeld van de Creatieve Industrie en voorzitter van het topteam Creatieve Industrie. De hbo-sector Techniek wil het aantal opleidingen (CROHO-licenties) terugbrengen van 84 naar circa 30 en de sector indelen in domeinen (met bijbehorende graad en competenties). De sector komt daarmee tegemoet aan de wens van het bedrijfsleven (VNO-NCW, MKB Nederland) en de politiek om het hbo-opleidingenaanbod transparanter te maken. Er zijn dan zes domeinen: de al bestaande domeinen ICT, Engineering, Built Environment, Applied Science, aangevuld met de nieuwe domeinen Maritime Operations en Creative Technologies.

Aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt


Het nieuwe domein Creative Technologies binnen de sector Techniek is in het leven geroepen om in te spelen op de vraag van de topsector Creatieve Industrie. In de Human Capital Agenda Creatieve Industrie (waarin vooral gekeken is naar de ontwikkelingen in het hbo) wordt aangegeven dat de kwalitatieve aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt niet altijd optimaal is. De task force Creative Technologies heeft het advies van de commissie van Pernis – om de bestaande opleidingen in de hbo-sector Techniek te hergroeperen – aangegrepen om de competentieprofielen van de opleidingen krachtiger en herkenbaarder af te stemmen op de behoeften van het werkveld.

Bundeling technische hbo-opleidingen

De volgende opleidingen zitten nu in het domein Creative Technologies: Communication and Multimedia Design, Game Architecture and Design, Kunst en Techniek, Media Technology, Technische Commerciële Confectiekunde en Technische Commerciële Textielkunde. Door bundeling van bestaande opleidingen, die hun nut voor de sector al jaren bewijzen, wordt een helder nieuw domein binnen deze sector neergezet.

‘U heeft het bij het juiste eind’


Jet Bussemaker gaf aan dat de hbo-sector Techniek het met dit boekje en het nieuwe domein bij het juiste eind heeft. ‘Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de breed gedeelde wens van bedrijfsleven en politiek om het opleidingsaanbod helderder en transparanter te maken. Techniek is een middel en het creatief denken, de fantasie, zijn expliciet nodig om de verbinding te maken en het einddoel te bereiken. Wij hebben beroepsopleidingen nodig die aansluiten op de vraag van de arbeidsmarkt in het digitale tijdperk van morgen.’
Voor meer informatie kijk op de site: http://www.creativetechnologies.nl/.
Of neem contact op met Daphne Heeroma, voorzitter domein Creative Technologies; email: Heeroma.D@nhtv.nl


Back to Top